Mossenexcursie

Verslag mossenexcursie zaterdag 8 april 2017:

Door Fons Temmink.

Experts: Piet Kokke en Jan Zwienenberg.
Aanwezig:  Elise Leemkuil, Maria Hunder, Nettie Aarnink, Truus en Ben Heerink, Paul van
Zwieten, Hans Peters, Harrie Wolbers en Fons Temmink.
Locatie: Volthebroek/Wiekermeden: gebied van mevr. Masseling.
Inleiding door Piet en Jan:

Mossen zijn primitieve sporenplanten, die eerder in de evolutie zijn ontstaan dan Varens, Paardenstaarten en Wolfsklauw.

Plaats van mossen in Plantenrijk:

Niet vaatplanten Blauwwieren Sporenplant
Schimmels Idem
Algen Idem
Mossen Idem
Vaatplanten Varens Idem
Bloemplanten Zaadplanten

Er komen ongeveer 600 soorten mossen in Nederland voor. Zij groeien in matten of kussens op rotsen of bodem of als epifyten op stam of bladeren van bomen. Ze hechten zich vast met rizoïden, die i.t.t. wortels geen voedseltransport verzorgen.

Zij kennen een geslachtelijke voortplanting via sporen en een vegetatieve vermeerdering via mosknoppen.
Er zijn drie groepen te onderscheiden:

  1. Bladmossen (Bryophyta):
    – Topkapselmos: vormen kussentjes of pollen
    – Slaapmos: vormen matjes
    – Veenmos: groeien dicht tegen elkaar aan in een waterig milieu.
  2. Levermossen (Hepaticae):
    – Thalleuze levermossen: groeien in een strook of met rozetvormige flap op de grond.
    – Bebladerde levermossen: hebben een stengeltje met aan weerszijden een rij blaadjes.
  3. Hauwmossen (Anthoceratae). Zeer zeldzaam.

Wij hebben op deze excursie alleen de eerste 2 soorten waargenomen, waarvan 20 bladmos-sen (13 slaapmossen, 7 topkapselmossen) en 4 levermossen (1 thalleus en 3 follieuze). Foto’s zijn genomen van internet.

A. Bladmossen
  • Boomsnavelmos (Rhynchostegium confertum)
Boomsnavelmos Het Boomsnavelmos is een slaapmos en lijkt op een kleine versie van het Dikkopmos. Ze behoren tot dezelfde familie. Het komt zeer algemeen voor en groeit op bijna alles. Het heeft het hele jaar door sporenkapsels. Het jonge kapsel heeft een lang gesnaveld deksel, dat bij rijpheid afvalt.
  • Broedhaarmuts (Orthotrichum Lyellii)
Broedhaarmuts De Broedhaarmuts is een slaapmos. Het is een pionier, die op bomen groeit meestal in kleine toefjes en soms in grotere zwart-groene zoden. Op de blaadjes zitten langwerpige roestbruine broedlichamen. Het heeft zelden sporenkapsels. Thans komt dit mos algemeen voor. Het wordt ook wel Heideblauwtjesmos genoemd.
  • Fijn laddermos (Eurthynchium praelonga)
Fijn Laddermos Fijn Laddermos Dit is een slaapmos. Veel voorkomend op vochtige plekken op grond, steen of vermolmd hout. Het deksel van het sporenkapsel is lang gesnaveld.
  • Fraai haarmos (Polytrichium formosum)
Fraai Haarmos Fraai Haarmos Het Fraai haarmos is een topkapselmos. Zodenvormend met rechtopstaande, meestal onvertakte stengels. Het wordt haarmos genoemd, omdat de jonge sporenkapsels bedekt worden door een puntig geel-bruin behaard kapje (huikje). Vaak te zien in naald- en loofbossen
  • Gesnaveld klauwtjesmos (Hypnum cupressiforme)
Gesnaveld klauwtjesmos Gesnaveld klauwtjesmos Het gesnaveld klauwtjesmos is een slaapmos, dat op bomen groeit. Dit mos werd vroeger gebruikt als vulling voor kussens en matrassen. Vandaar de term hypnum. Het sporenkapsel wordt afgesloten door een lang gesnaveld deksel (operculum). Het is een tweehuizige plant en komt algemeen voor op stammen van beuk of ijk en vormt glanzend groene matten.
  • Geplooid snavelmos (Eurhynchium striatum)
Geplooid snavelmos Geplooid snavelmos Geplooid snavelmos is een slaapmos. De toppen van de plant zijn opvallend licht. Het heeft stijfafstaande driehoekige bladeren. De bladschijf is in de lengterichting geplooid en de bladrand fijn getand.
  • Gerimpeld boogsterrenmos (Plagiomnium undulatum)
Gerimpeld boogsterrenmos Gerimpeld boogsterrenmos Gerimpeld boogsterrenmos is een groot slaapmos, en is één van de zeven soorten, die in Nederland zeer algemeen voorkomt in vochtige, voedselrijke bossen en vochtig grasland, vaak in essenbronbossen. Het vormt vaak omvangrijke diepgroene tapijten van 5-15 cm. De stengels zijn aan de top vertakt. De Bladeren zijn tongvormig met stekelpunten en gerimpeld.
  • Gerimpeld platmos (Plagiothecium undulatum)
Gerimpeld Platmos Gerimpeld platmos is één van de zes en in Nederland een vrij algemene soort, die hier zelden kapsels vormt. platmossen. Het is een slaapmos, die vaak in grote losse zoden groeit op een strooisellaag in bossen met hoge luchtvochtigheid, vooral in naaldbossen. De planten zijn bleekgroen gekleurd tot wel 8 cm lang met de blaadjes dwars gerimpeld.
  • Gewone haarmuts (Ototrichum affine)
Gewone haarmuts Gewone haarmuts Gewone haarmuts is een topkapselmos, dat in donkergroene kleine polletjes groeit tot 1 cm hoogte. Het groeit op loofbomen met neutrale schors o.a. in broekbossen. Het sporenkapsel steekt niet boven de stengeltoppen uit en is ei- tot cilindervormig. Toename van dit mos is een indicatie voor schonere lucht.
  • Gewoon dikkopmos (Brachythecium rutabulum)
Gewoon dikkopmos Gewoon dikkopmos Het Gewoon dikkopmos is een slaapmos, dat losse matten vormt. Het is het meest voorkomende mos in Nederland, op allerlei substraten, vaak ook gazons. Je kunt hem gemakkelijk herkennen aan de iets dikkere oplichtende topjes aan het eind van de takken. Daar heeft hij ook zijn naam aan te danken, de takuiteinden zien er bleekgroen en opgezwollen uit. De sporenkapsels zijn groen tot roodbruin.
  • Gewoon krulmos (Funaria hygrometica)
Gewoon krulmos Gewoon krulmos Het Gewoon krulmos is een topkapselmos, algemeen voorkomend m.n. op stikstofrijke, verstoorde grond. De blaadjes staan in rozet met korte stengel en zwanenhalsachtige sporenkapsels. De sporen houden tientallen jaren hun kiemkracht.
  • Gewoon pluisjesmos (Dicranelle heteromalla)
Gewoon pluisjesmos Gewoon pluisjesmos Het Gewoon pluisjesmos is een topkapselmos, dat in grote dichte zoden groeit op humeuze zandgronden. In Nederland onderscheid men 7 soorten. De sporenkapsels zijn algemeen.
  • Gewoon thujamos (Thuidium tamarisinum
Gewoon thujamos Het Gewoon thujamos is een groot slaapmos, dat algemeen voorkomt in schaduwrijke bossen. Thuja is oud-grieks voor levensboom. Het groeit in lossen matten. Het sporenkapsel is gekromd cylindrisch. Het kapsel wordt afgesloten met een lang gesnaveld deksel (operculum). In Nederland kan men 5 verschillende soorten waarnemen, wereldwijd wel 70-100 soorten.
  • Gewoon sterrenmos (Mnium hornum)
Gewoon sterrenmos Gewoon sterrenmos Het Gewoon sterrenmos is een topkapselmos, dat donkergroe-ne kussentjes vormt in zurige natte bosbodems. Het is een van de meest voorkomende mossen in Nederland. Het wordt nogal eens verward met Groot Rimpelmos.
  • Grijs kronkelsteeltje (Campylopus introflexus)
Grijs kronkelsteeltje Grijs kronkelsteeltje Het Grijs kronkelsteeltje is een exoot uit het zuidelijk halfrond, die zich sinds de zestiger jaren in onze regio in een korte tijd vermeerderd heeft vaak ten koste van andere mossoorten. Het heet daarom ook wel Tankmos of Mospest. Het is een slaapmos. Het groeit op zand, m.n. op stuifduinen, op strooisel en dood hout. Het heeft een centrale glashaar, dat in zonlicht grijs kleurt. Het mos heeft gebogen kapselstelen met diepverborgen sporenkapsels.
  • Groot rimpelmos (Atrichum undulatum)
Groot rimpelmos Groot rimpelmos Groot rimpelmos is een topkap-selmos. Herkenbaar omdat zijn bladen overdwars gerimpeld zijn. Het groeit meestal in bossen (essen/eiken) met leemhoudende bodems. De sporenkapsels zijn roodbruin en krom. Vaak in buurt groeit klaverzuring.
  • Kroesmos (Ulota)
Kroesmos Kroesmos Het kroesmos is een topkapselmos. Er zijn 35 soorten welke wij hebben gezien is me niet geheel duidelijk. Ik dacht het knotskroesmos, waarvan hier de afbeeldingen.
  • Palmpjesmos (Isothecum)
Palmpjesmos Dit slaapmos is een epifyt die vooral in voedselrijke bossen voorkomt m.n op essen, maar ook op jonge eik-aanplant. Het is een vrij zeldzame, maar niet bedreigde soort. In ons land kapselt het zelden.
We onderscheiden recht, gekronkeld en geplooid palmpjesmos.
  • Rondboogsterrenmos
Rondboogsterrenmos Rond boogsterrenmos is én van de zeven inheemse soorten boogsterrenmos in Nederland. Het is een slaapmos. Zeer algemeen voorkomend, maar de verschillende boogsterrenmossen zijn moeilijk van elkaar te onderscheiden. Planten liggend tot soms meer dan 10 cm.. Blaadjes breed ovaal tot rond met stekelpuntje aan de top.
Sporenkapsels zeldzaam.
  • Spitsboogsterrenmos
Spitsboogsterrenmos Spits boogsterrenmos onderscheidt zich van de andere 7 soorten boogsterrenmossen door het alleen in de tophelft getande blad. In tegenstelling tot de andere soorten heeft het een alleenstaand sporenkapsel. Het groeit op schors en kalkhoudend gesteente in zoden of pollen.
B. Levermossen
  • Bleek boomvorkje (Metzegeria furcata)
Bleek boomvorkje  Het Bleek boomvorkje behoort tot de thalleuze levermossen. Het is het meest voorkomende levermos, vaak als pionier op bomen in bleekgroene matten en met een gevorkte thallus. Een thallus is een meercellig plantenlichaam, dat niet is onderverdeeld in stengel, wortel en blad.
Het Griekse woord ‘thallos’ betekent ‘tak met bladeren’.
  • Gewoon schijfjesmos (Radula complanata)
Gewoon schijfjesmos Gewoon schijfjesmos Het Gewoon schijfjesmos behoort tot de bebladerde levermossen. Het is een algemeen voorkomende, niet bedreigde soort. Het komt voor op de schors van loofbomen in een luchtvochtige omgeving.
Het heeft ronde blaadjes, die elkaar dakpansgewijze overlappen. Aan de randen van de stengelbladeren komen vaak broedkorrels voor (zie foto rechts). Dit mos wordt vaak samen gezien met andere epifytische levermossen.
  • Helmroestmos (Frullania dilatata)
Helmroestmos Helmroestmos is een klein levermosje, dat graag in broekbossen groeit, m.n. op iepen en populieren. Het wordt nog al eens samen gezien met het Bleek boomvorkje en met Schijfjesmos. Het mos vormt matten met kleurschakeringen van groen naar roestbruin. Het is niet echt zeldzaam. De bovenlob van de bladeren is rond en helmvormig gekromd, de onderlob is zakvormig. Tussen de lobben kan voldoende water bewaard worden om uitdroging te voorkomen. Het heeft geen kapselsporen.
  • Moerasbuidelmos (Calypogeia fissa)
Moerasbuidelmos Moerasbuidelmos is een bebladerd (folieuze) levermos. Het is één van de zes buidelmossen, die inheems zijn in Nederland. Niet zeldzaam voorkomend in moerassen en op rottend hout. Het zijn liggende planten, regelmatig gevormd met eironde blaadjes, die soms aan de top zijn ingesneden.

Foto’s van Harrie Wolbers

Fijn laddermos
Fijn laddermos
Gesnaveld klauwtjesmos
Gesnaveld klauwtjesmos
Gesnaveld klauwtjesmos
Gesnaveld klauwtjesmos
Geplooid snavelmos
Geplooid snavelmos
Gewone haarmuts
Gewone haarmuts
Gewone haarmuts
Gewone haarmuts
Gewoon dikkopmos
Gewoon dikkopmos
Gewoon krulmos
Gewoon krulmos
Gewoon krulmos
Gewoon krulmos
Gewoon thujamos
Gewoon thujamos
Gewoon sterrenmos
Gewoon sterrenmos
Gewoon sterrenmos
Gewoon sterrenmos
Grijs kronkelmos
Grijs kronkelmos
Knotskroesmos
Knotskroesmos
Kroesmos
Kroesmos
Bleek boomvorkje
Bleek boomvorkje
Gewoon schijfjesmos
Gewoon schijfjesmos
Helmroestmos
Helmroestmos

Mossenexcursie

Mossenexcursie

Mossenexcursie

Mossenexcursie